Gebed ter bescherming van het ongeboren leven

28 december 1980

Goede Vader, omwille van de marteldood van vele jeugdige slachtoffertjes, die om de geboorte van Uw Lieve Zoon op bevel van Herodes werden gedood, komen wij Uw Bescherming afsmeken over de miljoenen ongeboren levens, die door veelvoudige Herodessen op wrede wijze in de nu nog geborgen moederschoot gedood worden.
Laat niet toe, Oneindige Barmhartige God, dat de Ouders van deze allerkleinsten door boze geesten worden gedreven om hun kind op beestachtige wijze te laten omkomen.
Schenk hen de Genade, dat zij nog bijtijds tot bezinning komen om in zulk een gezegende staat hun kind, alhoewel gewenst of niet, daadwerkelijk hulp te bieden, doch ook te mogen ontvangen, wanneer zij uit bittere noodzaak wellicht gedreven worden om tot zulk een laffe daad over te gaan.
Gij hebt aan Mozes de Tien Geboden ter hand gesteld waarop ook het vijfde Gebod geschreven staat: “Gij zult niet doden!”
Kunt Gij dan nu straffeloos toestaan, dat men de allerzwaksten, die weerlozer zijn dan welk ander schepsel, zonder meer op beestachtige wijze vermoordt?
Gij alleen toch Heer, beschikt over leven en dood.
Laat daarom geen enkele mens de vrije wil behouden, dat zij, op welke wrede manier dan ook, een einde zullen maken aan het leven van deze kleine onschuldigen.
Dit vragen wij U van ganser harte, opdat hun jammerlijk geschrei niet langer meer over ons Nederland kome.
Red hen Heer, voordat hun moordenaars voor eeuwig de verdoemenis ingaan!

 

Dit gebed werd ons gegeven 3 dagen na de feestdag van de geboorte van Jezus.

Maria de Toren van David legt ons uit dat toen, 3 dagen na de geboorte van Jezus Haar Zoon, alle kinderen onder de 2 jaar werden dood geknuppeld. Zij waren de eerste martelaartjes na Jezus geboorte. Ook nu nog worden veel kinderen in de moederschoot gedood. Zij zijn duivelse Herodessen en ook die ouders zijn allen schuldig door het doden van hun kind en komen allen in de verdoemenis als God de Vader Zijn Hand niet kan tegen houden. Bid daarom dagelijks dit gebed wat Maria ons allen mocht geven.

2de Gebed voor het ongeboren leven (28.02.1979)

 

Allerliefste Moeder, Gij kent de noden van de mens, maar ook hun lichtzinnig­heid. Gij en Uw Lieve Zoon Jezus zijt bedroefd om het leed dat men U iedere nieuwe dag weer aandoet. Hoevelen leven op dit ogenblik alleen voor zichzelf om hun lichaam voldoening te geven. Wij denken hier aan degenen, die zich verbonden hebben in de huwelijkse staat en die ernaar streven om elkaar hun liefde te geven. Hoe kunnen de meesten dit echter nog liefde noemen. Velen geven zich alleen over aan hartstocht en gebruiken allerlei middelen om na dit samenspel hun liefdezaad te verwerpen. De meesten echter wachten tot zij ontdekken dat er nieuw leven op komst is. Zij verstoten het kind dat door twee lichamen ten leven werd verwekt. Wij weten Lieve Moeder dat dit een afschuwelijke zonde is, een weerloos schepseltje te doden, wat zelf niet om het leven gevraagd heeft. Wij horen het weeklagen van velen, ook deze ouders en nóg beter de artsen ken­nen het pijnlijk hulpgeschrei van dit kleine wezentje. Het strekt zijn arm­pjes uit naar hulp en roept: “Laat mij leven!”.

Men wil hun smeken en hun angst niet horen. Lieve Moeder, Gij Moeder van Goede Raad, geef dat de mens inziet, dat hij aan zijn eigen verdoemenis bezig is. Geef, dat op dit ogenblik der Ontvangenis het beginnende leven behouden blijft en leer de mens inzien, dat zij een onschuldig mensenkind de dood verwensen. Geef dat ze even zoveel liefde kennen voor dit pas ontluikende leven, als wat zij voor zichzelf koesteren. Help hen bij deze grote beslissing om dit kleine schepseltje lief te hebben.

Moeder Maria, Spiegel van Gerechtigheid bid voor hen!

Aanmelden voor de nieuwsbrief